Elten heeft een heel lange geschiedenis, die begint in de negende eeuw.
Op de Eltenberg werd in 968 een klooster gesticht dat was gewijd aan Sint-Vitus. In de loop van de geschiedenis is de abdij diverse keren verwoest en weer opgebouwd. In 1129 werd de kerk gebouwd en vergroot als driebeukige Romaanse basiliek
van 72 meter lengte met tien altaren en drie torens. Tijdens de tachtigjarige oorlog werd bijna alles weer vernield en pas
in 1670 kon er weer opgebouwd worden. Onder meer het Gooi was vanaf 968 tot 1806 eigendom van de abdij. In 1811 kwam er een einde aan het bestaan van het klooster door de inlijving van het koninkrijk Pruisen. Tijdens het artillerie bombardement van 1945 werd de kerk ernstig beschadigd door Canadese troepen.

Op de berg bevindt zich ook een oude bron. Hoewel de naam “Drususbrunnen” doet vermoeden dat de put gegraven is door de Romeinse veldheer Drusus, dateert het metselwerk uit de Karolingische tijd (de achtste tot tiende eeuw na Christus).
De Romeinen zullen ongetwijfeld van de strategische ligging gebruik gemaakt hebben, maar de put werd waarschijnlijk gegraven toen graaf Wichman in 963 hier het klooster stichtte. Deze waterput diende tot de ingebruikname van het waterleidingnetwerk (1931) als waterverzorging voor de bevolking van Hoch-Elten.

Geografie
Elten is een aan de noordoever van de Rijn gelegen dorp in de gemeente Emmerich dat dicht tegen de Nederlandse grens is gelegen, ter hoogte van Lobith. Het behoort tot de deelstaat Noord-Rijnland-Westfalen en ligt noordwestelijk van Emmerich,
en zuidwestelijk van het Nederlandse ‘s-Heerenberg.

Hoog Elten ligt op de uitlopers van het in Nederland gelegen Montferland. Hoog Elten (Hoch Elten), is het deel van Elten dat op de top van de Elter berg ligt. De Elter berg is met zijn hoogte van 80 meter één van de hoogste heuvels in dit gebied en biedt een mooi uitzichtspunt.

Anders dan in de Nederlandse geschiedenis boeken staat vermeld komt de Rijn niet bij Tolkamer ons land binnen maar bij het plaatsje Spijk. De weg van Spijk naar Elten, de Oude Kleefse Postweg, is half Nederlands en half Duits grondgebied. Tolkamer heeft zijn naam te danken aan het feit dat hier tol werd geheven. Schepen die doorvaart wilden moesten eerst tol betalen.

Elten en de Elter berg danken hun ontstaan aan de gletsjers, die in de voorlaatste IJstijd – zo’n 150.000 jaar geleden – vanuit Scandinavië ons land bereikten en de losse rivierafzettingen opstuwden tot hoge heuvels. De enorme zwerfkeien die u bij de Elterberg aantreft, zijn door de landijsgletsjers hier achtergelaten. Ongeveer 10.000 jaar geleden, gedurende de laatste IJstijd, zijn dikke pakketten dekzand afgezet langs de rand van de heuvels. Op de hoogste dekzandruggen zijn later de nederzettingen ontstaan. Ze waren gunstig gelegen op de grens tussen nat en droog zodat de bewoners konden profiteren van de voordelen van beide landschappen. Vandaar dat er aan de voet van de stuwwal, om Montferland heen, een kring van dorpen ligt. Montferland
is de naam van één van de ‘bergen’, maar de naam wordt ook wel gebruikt voor het gehele beboste stuwwalgebied.

Behalve de heuvels van Montferland vindt u bij Elten ook het rivierenlandschap.
De ”Gelderse Poort” is een uniek natuurgebied in het rivierenlandschap. Met uiterwaarden en rustieke dijkjes, vanwaar men echt kan genieten van het landschap. Er zijn unieke wandelmogelijkheden en fietsroutes in het Rijnstrangen gebied. Door de aanwezigheid van rivierklei dat ons land bereikte via de Rijn, zijn er in dit gebied veel steenfabrieken ontstaan.